Archief in Delft

Geschiedenis van het huis
van Joost Brasser

Onderzocht door Bas van der Wulp & Gerrit Verhoeven

Terug naar de voorouders



Het Huis, bekend als 'Het Wapen van Savoyen' aan de Oude Delft 169 - Delft is in gebruik bij de Gemeentelijke Archiefdienst Delft. Het pand heeft een bewogen geschiedenis. Het was ooit het woonhuis van de rijkste Delftenaar, maar is ook kazerne en school geweest.

Op 28 November kocht Jan Peris Buzijn een erf met enige opstallen van de executeurs-testementair van meester Servaas Pieterszoon Fabri van Schiedam. Enkele maanden later, op 2 Maart 1565 kreeg hij toestemming van de burgemeester om op dit perceel nieuwbouw te plegen. Het werd een huis van stand: de voorgevel kreeg een voet van blouwe arduinsteen. Buzijn moest wel iets moois bouwen, want hij vestigde zich in een voorname wijk zoals wel blijkt uit de namen van zijn buren.
Aan de Zuidzijde woonde de vooraanstaande familie De Huyter. Hun fraaie gotische huis, in het begin van de zestiende eeuw gebouwd door schout Jan de Huyter, is tegenwoordig in gebruik bij het Hoogheemraadschap van Delftland. Ten Noorde van Buzijn woonde meester Cornelis Duyst van Voorhout.
Nu was Buzijn zelf ook niet de minste. Hij was getrouwd met Elizabeth van Dinter. In 1568 kreeg hij de hoogste belastingaanslag van alle Delftenaren . Hij had zijn vermogen vergaard als houder van banken van lening in Delft en Rotterdam. Het lenen tegen rente was in de middeleeuwen voorbehouden aan Lombarden. ( het woord lommerd komt van Lombard) Dat wil overigens niet zeggen dat alle als Lombard aangeduide personen ook daadwerkelijk uit het Noord Italiaanse Lombardijen kwamen: onder hun waren ook families uit Zuid Frankrijk.
Nu is het opvallend dat het nieuwe huis van Buzijn 'Het Wapen van Savoyen' werd genoemd. Misschien was Buzijn wel afkomstig uit Savoie, een streek in de Franse Alpen. Zijn naam werdt ook wel gespeld als Buzin, was er vrij Frans uitziet. Het is zeker niet onmogenlijk dat hij het huis vernoemde naar zijn streek van herkomst.
Over Buzijns verblijf in Delft zijn enkele pittoreske details bekend. Zo deed hij in 1568 mee aan de loterij ten bate van het gasthuis, waarbij hij zelfs enkele prijzen won. In 1589 kwam het huis op een vervelende manier in het niews: de dienstmaagd Geertje Jansdochter van Schiedam verdronk in de regenton. Buzijn overleed tussen 1595 en 1599. Zijn erfgenamen verhuurde het Wapen van Savoyen enkele jaren aan twee Engelse textielhandelaren. Het huis had tien haardsteden als stookplaatsen.
In 1601 werd het pand verkocht aan Dirck Brasser. Ook hij was een vooraanstaand man, namelijk penningmeester van de stad Delft. Het huis bleef in de familie Brasser tot 1632.
Toen ging het over aan de familie Bogaert, die er 120 jaar in zou wonen. De eerste eigenaar, Nicolaas Bogaert, was advocaat. Hij bouwde op het erf een stalling, waarschijnlijk voor paarden en een koets. Zijn klijnzoon Nicolaas liet in 1709 een nieuwe stoep voor het huis leggen. In 1712 kreeg hij toestemming om een ‘uitstekje’ boven zijn deur te maken; deze erker is nog steeds aanwezig. Nicolaas bepaalde in zijn testament van 20 Junie 1727 dat zijn tweede vrouw, Bartha Johanna van Dam, het perceel uit de nalatenschap kon overnemen voor 20.000 gulden. Het geheel werd omschreven als ‘huis, erf en tuin met stalling en koetshuis, met tapijten, kamerbehangsels, schilderijen en spiegels voor de schoorstenen.’
De prijs die Nicolaas bepaalde lijkt aan de hoge kant. Toen zijn erfgenamen het huis in 1752 verkochten aan Nocolaas Christiaan van Kretschmar, heer van Noordscharwoude, bedroeg de koopsom 7100 gulden, exclusief 600 gulden voor een aantal roerende zaken. In 1789 ging Het Wapen van Savoyen zelfs voor slechts 3975 gulden over in handen van Gerrit Burgerhout.
De waardedaling heeft waarschijnlijk te maken met de schade die aan het huis was toegebracht tijdens de plundering van de stad door Haagse Oranjegezinden op 19 September 1787. De weduwe van Burgerhout verkocht het pand in 1798 aan de stad Delft. De koopsom bedroeg toen 6150 gulden, maar dit was inclusief een aantal roerende zaken.
Sinds het Wapen van Savoyen in gemeentelijk bezit kwam, heft het geen dienst meer gedaan als woonhuis. Tot 1807 was het in gebruik als artilleriekazerne, vervolgens waren hier negen jaar lang de Latijnse School en de stadsbibliotheek gevestigd en in 1816 werd het pand betrokken door een campagnie geweermakers van het in Delft gelegen garnizoen. In 1856 werd een deel van het huis bestemd als kantoor van het Burgelijk Armbestuur. De rest van het perceel werd werkinrichting voor - meest bejaarde - armen. Het Wapen van Savoyen kreeg in 1957 zijn huidige functie: het werd na een grondige restauratie betrokken door de Gemeentelijk Archiefdienst. Hiermee werd het fraaie monument voor het eerst vrij toegankelijk voor iedereen.

Terug naar de voorouders